Patiënt gebaat bij Europese uitwisseling patiëntsamenvatting

do 16 februari 2023
Patiënt gebaat bij Europese uitwisseling patiëntsamenvatting
Data
Premium

Wanneer je als Nederlander in een Europees land al dan niet acute medische zorg nodig hebt, is het van belang dat de dienstdoende zorgverleners ter plekke over toereikende medische informatie kunnen beschikken. Sinds 2018 wordt er binnen het programma PIEZO-PS-A hard aan gewerkt om dit te realiseren. Naar verwachting zal de uitwisseling van elektronische patiëntsamenvattingen binnen Europa nog in 2025 zijn gerealiseerd.

Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft hiertoe samen met het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG), de Patiëntenfederatie Nederland en partijen vertegenwoordigd in het Programma Implementatie Europese Zorgdiensten - PIEZO-PS-A - een intentieverklaring getekend tijdens de EHDS-MeetUp ‘Waar staan we nu?’ op 14 december 2022.

In de uitwisseling van patiënteninformatie zal het Nationaal Contactpunt voor eHealth Nederland (NCPeH-NL) de centrale rol spelen. Via het NCPeH-NL kunnen zorgprofessionals sinds februari 2022 patiëntsamenvattingen uit andere EU-landen in Nederland opvragen - als de patiënt toestemming heeft gegeven. Straks kan het NCPeH-NL ook gebruikt worden voor de uitwisseling van patiëntsamenvattingen vanuit Nederland naar andere EU-landen. 

Het NCPeH-NL maakt deel uit van een Europees netwerk van nationale contactpunten voor e-health, de MyHealth@EU-infrastructuur. Op dit moment is het delen van informatie over de landsgrenzen nog niet mogelijk omdat daartoe eerst de belangrijke randvoorwaarden voor het delen van zorginformatie nader gedefinieerd moeten worden. Dit moet immers veilig én met toestemming van de patiënt gebeuren. 

EHDS-verplichting
“Met PIEZO PS-A doen we een eerste voorzet op een verplichting die straks uit de EHDS voortkomt”, vertelt Roger Lim, coördinerend beleidsadviseur European Health Data Space bij VWS. “PIEZO PS-A is een  Nederlands project dat de Europese Unie straks deels zal financieren. Ieder Europees land heeft zijn eigen project om tot een nationaal contactpunt te komen. Het nationaal contactpunt wordt een verplichting onder de EHDS om de grensoverschrijdende uitwisseling mogelijk te maken.”

De EHDS (European Health Data Space) is een voorstel van de Europese Commissie om snel en makkelijk medische gegevens te kunnen uitwisselen en burgers toegang te geven tot hun gezondheidsdata. Lim: “Als EU kunnen we zo bijbenen wat andere regio’s, zoals de VS, China en India, al in gang hebben gezet. Daartoe moeten we nog wel een aantal zaken organiseren. Allereerst het creëren van rechten voor burgers ten aanzien van toegang tot gezondheidssystemen. Zij moeten, ongeacht waar ze zijn, toegang kunnen krijgen tot hun gezondheidsgegevens en de controle over die gegevens hebben. Ook moet vastgelegd worden wie wat mag inzien en toevoegen aan het patiëntendossier.” 

Lim meent dat juist een burger moet bepalen welke arts gegevens mag inzien. Uitgewerkt moet nog worden of dat voor een deel van de gegevens of alle gegevens moet gelden. “De burger die voor een second opinion kiest, wil een arts die vanaf scratch begint en niet in een tunnelvisie blijft hangen. Dat is een recht dat de burger zou moeten krijgen. Voor Nederland betekent dat nogal wat, want dat zijn we in dit land niet gewend. We denken vanuit databeschikbaarheid en hebben systemen opgezet waarbij we ervan uit gaan van dat de controle van de burger aan de beschikbaarheidskant moet liggen.”

Europese infrastructuur
Het programma PIEZO is in 2018 ontstaan, memoreert Patty Heemskerk, programmadirecteur en toezichthouder bij advies- en projectenorganisatie ICTU. Nederland was een van de hekkensluiters. “Er is toen een subsidievoorstel ingediend en een programma gemaakt om heel eenvoudig patiëntsamenvattingen van EU-burgers die in Nederland zorg nodig hebben, beschikbaar te krijgen. We begonnen met het aansluiten op de Europese infrastructuur zodat ziekenhuizen in Nederland die patiëntinformatie kunnen ophalen.”

Heemskerk heeft het over een tamelijk ingewikkeld eisenpakket om aan te sluiten op de Europese infrastructuur: organisatorisch, juridisch en technisch. Maar ook hoe de gegevens zijn vastgelegd. “Die procedure duurt ongeveer negen maanden tot anderhalf jaar. In principe geeft Europa wel een standaard voor wat er in die patiëntsamenvattingen moet zitten.”

Om live te gaan is ook een plan nodig over hoe een land aan die honderd procent wil komen. Heemskerk: “Ik denk dat het heel goed helpt dat je met die Europese standaarden en richtlijnen ook verder kunt in eigen land: iedereen moet toch al aan die standaarden voldoen om gegevens uit te wisselen.”

Voor het ophalen van informatie is voorafgaand en ter plekke toestemming nodig van de burger. De ontvanger moet op zijn beurt aan alle daartoe gestelde eisen voldoen. “Het is mooi dat we nu voor EU-burgers die gegevens kunnen ophalen, maar jammer dat de Nederlandse burger daar nog niks aan heeft, zodat we het nu ook de andere kant op gaan realiseren. De concept Verordening EHDS uit mei 2022 heeft geholpen in de besluitvorming.”

Opvragen patiëntgegevens
De patiëntgegevens waarover men in de Europesen landen door dit systeem zal kunnen beschikken, blijven bij de zorgverlener die dossierhouder is. Er zal geen Europese database komen. Heemskerk: “Wanneer een patiënt in het buitenland is en daar hulp nodig heeft, dient hij vooraf toestemming te hebben gegeven en ter plekke nogmaals. Pas dan kunnen patiëntgegevens vertaald doorgestuurd worden naar waar de patiënt zich bevindt.”

In acute gevallen is het onwenselijk wanneer door het ontbreken van toestemming de juiste gegevens voor medische hulp niet beschikbaar zijn. Heemskerk: “We kijken daarom naar een opt-out systeem, waarbij we ervan uit gaan dat iedereen toestemming geeft tenzij anders aangegeven. In de Tweede Kamer is al een motie ingediend die ervoor moet zorgen dat dit voor de acute zorg in 2023 zal gaan gelden. Voor uitwisseling binnen Europa zal waarschijnlijk iets extra’s moeten gebeuren, óf dat de patiënt die toestemming alsnog ter plekke online kan geven.” 

Patiëntenperspectief
De intentieverklaring uit eind 2022 betekent voor Patiëntenfederatie Nederland actieve deelname aan PIEZO PS-A, vertelt Marcel Heldoorn, manager digitale zorg bij de Patiëntenfederatie Nederland. “We willen vanuit het patiëntenperspectief meedenken over wat goede oplossingen zijn en wat voor techniek erbij komt kijken. We merken dat bij het beschikbaar stellen van medische gegevens privacy en het belang van het beschikken over de juiste informatie altijd naar boven komen.”

Volgens Heldoorn vinden veel mensen het vanzelfsprekend dat gegevens uitgewisseld worden. Zij zien het als raar dat in Nederland gegevens van de huisarts niet beschikbaar zijn op de spoedeisende hulp. “De minister is nu van plan de wet te wijzigen zodat dat die gegevens op de SEH beschikbaar komen, omdat dit bij het karakter van die spoedeisende hulp hoort. De burger begrijpt dat. Er moet dan goed uitgelegd worden waarom gegevens op cruciale momenten beschikbaar moeten zijn, wanneer een burger zich ergens in het buitenland begeeft.” 

De Patiëntenfederatie is in dit kader in gesprek met VWS over de juiste grondslagen die wettelijk gezien nodig zijn voor het uitwisselen van gegevens. Heldoorn: “De grootste uitdaging voor ons is onze gemêleerde achterban die er heel genuanceerd over denkt, terwijl je als federatie een consistent standpunt naar voren wil brengen. In onze achterban zitten mensen voor wie privacy heilig is. Het is van belang hen veel aandacht en zeggenschap te geven en hen de mogelijkheid te bieden informatie te delen wanneer zij dat onwenselijk vinden. Ook is het nodig de belangen te behartigen van mensen die kwetsbaar zijn en die de ingewikkelde informatie om toestemming te kunnen geven niet begrijpen. Voor hen moeten dingen geregeld zijn, waarbij je onderscheid moet maken tussen acute zorg of minder spoedeisende hulp.”

Belangen huisartsenzorg
Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) doet mee aan PIEZO PS-A om de belangen en de behoeften van de huisartsenzorg te vertegenwoordigen. Een samenwerking die uiteraard van groot belang is omdat ervoor is gekozen om patiëntsamenvattingen te gebruiken op basis van gegevens uit de informatiesystemen van de huisartsen. 

“De huisartsen in Nederland beschikken immers over de hele ziektegeschiedenis van de patiënt”, zegt Heleen van Boetzelaer, huisarts en Programmamanager Informatisering Huisartsenzorg bij het NHG. “Daarom is het logisch dat het huisartsensysteem als bron voor de patiëntsamenvatting wordt gebruikt. Daarnaast hebben bijna alle Nederlanders een eigen huisarts, waardoor de patiëntsamenvatting van veel patiënten beschikbaar is.”

Het NHG is goed thuis in de spoedsamenvatting omdat het de richtlijnen over gegevensuitwisseling ten behoeve van de acute zorg beheert. In die richtlijnen beschrijft het NHG al welke gegevens er relevant zijn voor de zorgverlening in verschillende acute situaties, onder andere op de huisartsenpost, bij ambulancezorg en op de SEH. Van Boetzelaer: “Omdat gegevens gebruikt gaan worden die de huisarts al gewend is te registreren in het patiëntendossier, hoeven Nederlandse huisartsen geen extra werk te verrichten. Heel belangrijk omdat de werkdruk bij huisartsen in Nederland ontzettend hoog is. Ook willen we bewaken dat HIS-leveranciers geen specifieke aanpassingen hoeven te doen. Dit doen we door de samenhang te bewaken met al lopende Nederlandse programma’s voor gegevensuitwisseling in de acute zorg en toestemmingsregistratie.”