'Digitale technologie genoeg, maar we maken nog vuur met stokjes’

wo 1 februari 2017 - 16:22
Nieuws

“We hebben ontzettend mooie digitale technologie, maar we maken nog altijd vuur met stokjes. Mensen in de zorg hebben genoeg van de hele dag afvinken wat ze hebben gedaan: het is die administratieve last die er voor zorgt dat zorgprofessionals steeds minder tijd kunnen besteden aan om wie het gaat: de patiënt. Om de gezondheidszorg echt te verbeteren en de patiënt voorop te stellen, moet er echt gecommuniceerd gaan worden met die patiënt.”

Met die boodschap probeerde Lucien Engelen, directeur van het aan het Radboudumc gelieerde REshape Center, donderdag 26 januari tijdens het ICT&health Experience congres duidelijk te maken waar de kern van het probleem in de huidige zorg zit. De wil om zorg te verbeteren is er wel, maar men weet vaak niet goed hoe te beginnen. Digitale technologie kan verbetering van de zorg mogelijk maken – door zorgprofessionals te ontlasten, door patiënten meer eigen regie te bieden, door communicatie onderling te verbeteren – maar men ziet door de bomen het bos vaak niet. “Er komt ontzettend veel op ons af. Over 20 jaar mogen we niet eens meer zelf auto rijden, zelfrijdende auto’s zijn veiliger dan een bestuurder en tegen die tijd is er ook geen rijbewijs meer nodig. Beeldschermen gaan verdwijnen, augmented en mixed reality doet met rasse schreden zijn intrede. Maar niet alleen technologie ontwricht. Er komen nieuwe spelers op de zorgmarkt, zoals de VS hypermarktspeler Wal-Mart, die de ambitie heeft om de tweede zorgaanbieder van de VS te worden.”

Patiënt voorop

Het REshape Center heeft onder meer tot doel om van al deze ontwikkelingen ‘chocolade te maken’, ofwel te experimenteren, te onderzoeken en waar aan de orde te vertalen naar praktische mogelijkheden om de zorg te verbeteren met daarbij de patiënt voorop.  Engelen: “Daarbij moeten we over de grenzen van Nederland heen kijken, want technologie en zorg houden zich niet meer aan de oude landsgrenzen. Innoveren gebeurt steeds meer in samenwerking, nationaal en internationaal, ook al vanwege de daarmee gepaard gaande investeringslast.” Het moet ook beter aansluiten bij de behoefte van de patiënt, familie en mantelzorgers als ook van professionals.  Zo wordt er met Growtivity en Salesforce samengewerkt aan een Centrum voor European Healtcare Design, een raamwerk waarin tal van kleinschalige innovaties een plek kunnen vinden op Europese leest, en niet zoals vaak vanuit een Amerikaans perspectief. Vele kleine stappen maken samen grotere stappen mogelijk, ook al lopen sommige ontwikkelingspaden dood. “En belangrijk: net zoals overal, gaat innoveren in de zorg met vallen en opstaan. Kijk maar naar het voorbeeld van de eenvoudige en goedkope bloedtest van Theranos. Dit gebeurt ook bij e-health, al spreekt Engelen liever over digitale zorg. “Dat moeten we accepteren, anders durft niemand te innoveren.”

Andere meetlat

Toch wordt het toepassen van digitale technologie in de zorg vaak langs een hele andere meetlat gelegd dan op andere gebieden in de samenleving. Mislukkingen worden veel breder uitgemeten als het gaat om digitale zorg dan bijvoorbeeld in de farmaceutische sector. “In beide gevallen gaat het om onze gezondheid. Toch is het geaccepteerd dat ontwikkeling van medicatie een kwestie van trial & error is, maar krijgt digitale zorg deze ruimte vaak niet.” Een andere, veel gemaakte fout, is volgens Lucien Engelen de wijze waarop technologische innovaties in de gezondheidszorg worden benaderd als een aparte toevoeging. Er wordt zelfs aparte financiering voor e-health vrijgemaakt door bijvoorbeeld VWS. “Zelfs de naam, e-health, maakt dat het iets aparts lijkt. Noem het digitale zorg. Integreer het gewoon als een nieuw onderdeel van de zorg in plaats van het er van buitenaf op te plakken.”

Niet moeilijker maken

Engelen benadrukt verder nog dat digitale zorg vooral niet moeilijker moet worden gemaakt dan het is. Daarbij refereert hij aan de nieuwe strategie van het Radboudumc: digital first, physical next. “Dat betekent niet dat technologie voortaan altijd voorop staat ten koste van fysieke zorg. Maar je moet patiënten ook niet onderschatten. Als je ziet dat 93 procent van de Nederlanders al aan telebankieren doet, dan kan men ook wel tot op zekere hoogte omgaan met digitale zorg. Denk aan e-consulten. Dat levert zowel patiënten als zorgprofessionals tijdsbesparing op die ze kunnen gebruiken  voor betere zorg of om energie voor andere zaken te gebruiken. We moeten het laagdrempelig aanbieden aan hen die het wíllen én kunnen, daarmee tijd vrij spelen voor mensen die extra zorg en aandacht nodig hebben. ” We benaderen alle voorbeelden en mogelijkheden in het REshape Center vanuit een half vol glas, waar we met een kritische en wetenschappelijke bril naar kijken. Uiteindelijk, meent Engelen, moet de discussie over digitale zorg niet gaan over geld, niet gaan over privacy en niet gaan over onderzoek. Dat is weliswaar belangrijk, maar uiteindelijk gaat het om ‘ons’, om de mensen die zorg geven en krijgen. “Dus stop nu eens eindelijk nou met die discussie over zaken zoals geld. We moeten toe naar een compleet nieuw ingericht zorgsysteem, niet met een ‘oude landkaart een nieuwe wereld verkennen, vrij vertaald naar Einstein.”